Veilig door werken in de winter

Om bij lage temperaturen veilig door te kunnen werken, dienen een aantal maatregelen genomen te worden.

In het algemeen geldt dat het gebruik van zout of andere dooimiddelen niet wordt aangeraden op de bouwplaats. Dit veroorzaakt zowel schade aan het kalkzandsteen als aantasting van de beton en zorgt daarmee voor een verminderde betonkwaliteit. Voorkom plasvorming op vloeren en gebruik ter bestrijding van gladheid grof zand.

Heeft u vragen? Neem dan contact op met afdeling Service & Support, telefoonnummer +31(0) 341 464 000.

Per productgroep hebben wij de belangrijkste aandachtspunten voor u op een rijtje gezet:

Calduran kalkzandsteen – Gebruik geen zout op de bouwplaats

  • Strooi geen pekel, keukenzout of andere dooikorrels in de nabijheid van kalkzandsteen. Dit veroorzaakt schade aan de kalkzandstenen. Natuurlijk kunt u wel (grof) zand gebruiken om gladheid tegen te gaan;
  • Plaats elementen of blokken op houten regels, zodat het optrekken van vocht en vervuiling wordt voorkomen;
  • Dek alle geopperde kalkzandsteen goed af. Hiermee voorkomt u dat producten door regen, sneeuw of ijzel te nat worden of beijzelen. Te natte elementen kunnen bij nachtvorst aan elkaar vriezen waardoor ze niet meer verwerkt kunnen worden;
  • Gebruik de winterlijmmortel van Calduran, deze is afgestemd op het werken bij lage temperaturen;
  • Breng de lijmmortel niet te ver vooruit aan, maar juist voor het stellen van de blokken of elementen;
  • Bij temperaturen onder de 5 °C is de sterkte-ontwikkeling van de mortelvoeg minimaal;
  • Dek kimmen af met een afdekplank of steigerplank. De kimmen blijven dan vrij van sneeuw en ijzel;
  • De hijsgaten van de lijmblokken en elementen dienen schoon en ijsvrij te zijn in verband met voldoende grip van de elementenklem;
  • Gebruik voor het stellen van de kimblokken bij voorkeur Kimfix. Dit is een mortel met een hogere eindsterkte en een snellere verharding bij lage temperaturen. (voor meer info zie adviesblad kimvoegsterkte).

Maakt u al gebruik van ons ‘Doorwerksysteem’? Bij elementenprojecten krijgt u dan tegen een geringe meerprijs de kalkzandsteen passtukken winddroog en verpakt in folie aangeleverd.

Dycore vloeren – Zorg voor ontwatering van de kanalen

In de winter is het extra belangrijk om ervoor te zorgen dat de kanalen van de kanaalplaatvloeren niet vol komen te staan met water. Vloerplaten met volgelopen kanalen kunnen bij strenge vorst kapot vriezen of naderhand bruine vlekken in het plafond veroorzaken.

Veelal zijn de kanalen aan de kopse kant open zodat het water eruit kan lopen. Bij bepaalde detaillering worden de uiteinden van de platen dichtgezet en kan het water zich ophopen in de kanalen (zoals bij doorlopende vloervelden waarbij de kopse einden worden dichtgestort met beton).

Wij kunnen op aanvraag de kanaalplaatvloeren fabrieksmatig voorzien van ontwateringsgaatjes. Door deze gaatjes kan het water weglopen. Deze gaatjes dienen na montage door de opdrachtgever op hun werking te worden gecontroleerd en waar nodig (open) geboord of gestoken te worden.

Geïsoleerde kanaalplaten zijn aan de onderzijde voorzien van een PS isolatieplaat waardoor ontwateringsgaatjes niet werken. In die gevallen dient er een andere oplossing gekozen te worden voor de ontwatering.

Hiermee voorkomen we beschadiging door bevriezing.

Heembeton wanden – Niet monteren als het vriest

  • Bij temperaturen lager dan 0 °C kan niet worden gemonteerd;
  • Bij temperaturen onder de 5 °C is de sterkte-ontwikkeling van de mortelvoeg minimaal;
  • Voorkom te allen tijde dat de mortel bevriest. Door het bevriezen en dus uitzetten van het aanmaakwater ontstaat in de mortel een verschijnsel dat lijkt op het te snel uitdrogen van de mortel. Na ontdooien zal de mortel zanderig en los zijn, waardoor deze niet meer voldoet;
  • Ook op dagen waarbij het overdag net boven 0 is, terwijl het ’s nachts gevroren heeft, kan niet worden gemonteerd. De temperatuur van de betonelementen zal dan ook rond het vriespunt zijn;
  • Advies? Beoordeel het te verwachten temperatuurverloop (ook van de elementen) vanaf het moment van aanmaken en de 24 uur erna. Controleer de verharding van de mortel.

Let op: de verwerking moet gebeuren volgens de eisen in NEN 6722 Voorschriften Beton – Uitvoering. In artikel 13.6.3 Mortelvoegen staat:

De voegspecie moet in het algemeen binnen een uur na de toevoeging van het aanmaakwater worden verwerkt. De verwerking moet zo plaatshebben dat voortijdige uitdroging van de specie wordt voorkomen. Bij hevige regenval en lage temperaturen (ca. 4 °C) mogen geen mortelvoegen worden gemaakt, tenzij maatregelen worden genomen om de invloed van de ongunstige weersgesteldheid uit te schakelen. De voeg mag niet worden belast totdat de vereiste sterkte is bereikt.